Officiële EEA-gegevens 2013–2024
Het PM10 in Amsterdam daalt over de afgelopen 10 jaar, maar niet zonder hobbels: in 2016 lag de jaarwaarde op 20,9 µg/m³. Toch was dat jaar geen hoogtepunt; de reeks piekte eerder en later. Voor een bewoner betekende die uitkomst vooral minder dagen waarop de lucht grijs en zwaar voelt, maar het stof bleef voelbaar in de keel.
Het slechtste moment in de meetreeks viel aan het begin van de periode. In 2013 noteerde de stad een jaargemiddelde van 24,1 µg/m³. Dat jaar was er nog volop resuspensie van opwaaiend straatstof, met alfeizners die snel een vuil laagje kregen. Fijnstof hing merkbaar in de lucht, ook buiten de drukste verkeersaders.
Vergelijk het begin met het einde: in 2013 stond de teller op 24,1, terwijl 2024 uitkwam op 15,5. De daling is duidelijk, maar het verloop is grillig: 2018 liet zelfs een stijging zien naar 21,9. Het stof neemt af, maar de stad blijft gevoelig voor pieken, vooral rond wegen en bouwlocaties waar deeltjes opwaaien.
Op dagen met veel wind en droog weer, vooral langs de grachten en bij bouwplaatsen, kun je het grove stof letterlijk zien glinsteren. Kies dan voor een route door de groenere straten of parken, waar de lucht minder belast is. Spoel je ogen en keel met water als je thuis komt; dat helpt tegen de directe irritatie.
Meer over PM10: wat het is en hoe het je gezondheid beïnvloedt →
Bron: Europees Milieuagentschap (EEA), geverifieerde gegevens 2013-2024. Pagina automatisch gegenereerd op basis van officiële gegevens; de cijfers komen uitsluitend uit de database, nooit geschat. © 2026 airqualitas.